Al weer alles gesloten, behalve het internetcafé gelukkig, en al weer zo’n vies gebakje bij de koffie. Deze keer heb ik het weggegooid. Maar toch leuk dat ze er iets aan doen.
Koninginnedag in het verzorgingshuis.
De winkel is dicht, het internetcafé is dicht, de Metro en de Spits zijn niet bezorgd. Er is om kort te gaan weinig te doen vandaag, maar daar staat wel tegenover dat we ondanks de bezuinigingen vanochtend een tamelijk vies, oranje geglazuurd taartje bij de koffie kregen.
OLVG
Twee dagen na het vorige bericht bleek ik een gevaarlijke bacterie in de darmen en in het bloed te hebben, in verband waarmee ik weer eens, deze keer in ambulance met loeiende sirene, naar het OLVG werd getransporteerd.
Ik was heel ziek, maar ik was tenminste uit die vreselijke Bogt weg.
Twee weken ziekenhuis, met alsmaar bloedonderzoek en alsmaar aan het infuus, en toen mocht ik weer naar huis. Nou, zo verzwakt als deze keer was ik nog niet geweest, ik kon maar net staan, dus echt naar huis kon ik niet, maar het allerlaatste wat ik wou was terug naar de Bogt. Gelukkig was er plaats in Sint Jacob, tegenover de zijkant van Artis op de Plantagemiddenlaan. Hier is het echt heel veel beter dan in de Bogt. Ik ben hier nu ruim een week en doe mijn best om aan te sterken. Het gaat langzaam, maar ik ben toch al een paar keer de straat op geweest om een lekkerder broodje te kopen dan hier te krijgen is. Ik hoop binnen twee weken zo ver te zijn dat ik naar huis kan.
Klagen helpt (soms)
Vanochtend stond er om kwart over acht al een aardige Marokkaanse in mijn kamer die me met wassen kwam helpen. Dan word ik er nog erg moe van en vervolgens moest ik nuchter, dus zonder paracetamol, naar beneden om een paar buisjes bloed af te laten nemen omdat ik volgende week naar de internist in het OLVG moet en om een foto te laten maken van mijn heup en knie opdat de oorzaak van de pijn vastgesteld kan worden.
Terug op de afdeling hoorde ik dat ik misschien vandaag nog naar een kamer alleen ga. Uitgeput, maar tevreden. Klagen helpt soms.
Klagen
Zoals uit mijn vorige bericht al blijkt valt er hier op de zorg nog wel eens iets aan te merken. Mijn grootste klacht gaat eigenlijk over het wassen. Een van de redenen dat ik hier heen ben gegaan is dat ik thuis te moe werd van me wassen, maar de zuster die hier doorgaans de dagdienst heeft verdomt het om me er bij te (laten) helpen. Ze denkt geloof ik dat ik me aanstel. Quod non.
Hoe dan ook, ik besloot me vandaag maar eens met een lijstje problemen tot de teamleidster te wenden en wel op een moment dat ik niet kwaad was, want dan wordt het allicht een aangenamer gesprek. Ze vertelde me dat ze hier nog niet lang is en is aangesteld om orde op zaken te stellen. Dat was dus blijkbaar nodig. Ze was vol begrip, maakte notities, zei dat ze in mijn dossier zou zetten dat ik gewassen moet worden enz. Het zal me benieuwen hoe het morgen gaat. Ik heb hier ook iemand ontmoet die zegt dat ze al twee keer met deze teamleidster heeft gepraat en dat je het net zo goed kan laten. Het ene oor in, het andere uit.
Het warme eten was vandaag niet slecht. Stamppot snijbonen met gehaktbal. Weinig opwindend misschien, maar goed te eten. Halfvolle yoghurt met perenmoes toe. Het kan niet op. Aan tafel zat een man die zei dat hij heel blij was, want hij was vanochtend gewassen. Dat schijnt dus wel vaker een probleem te zijn. Zo’n man zou toch elke dag gewassen moeten worden. Er zijn hier veel mensen die niet goed in staat zijn voor zichzelf op te komen.
Vanmiddag kwam Monique N op bezoek. Geen van de beide zonen heeft vandaag opgebeld. Ze denken zeker dat het goed met me gaat. Nou ja, in zekere zin is dat ook wel zo, want ik heb veel minder pijn en kan het nu met paracetamol af in plaats van de tramadol die ik eerst kreeg, een opiumachtige die me suf maakte.
Pasen
Het ontbijt werd vandaag opgeleukt door een schoteltje met vieze, veel te zoete, kuikenvormige koekjes en melkchocolade paaseitjes. Wie gehoopt had op een echt eitje kwam bedrogen uit.
Ik zat enigszins uitgeput een sneetje rozijnenbrood met twee kopjes koffie tot me te nemen, want ik was er in geslaagd een verpleegkundige te vinden die mij hielp met douchen en daar word ik ontzettend moe van. Tegenover me zat een mevrouw van Dijk die helemaal niet reageert als je tegen haar praat. Die is doof, denk je dan, maar dat is niet zo, want af en toe doet ze spontaan haar mond open om iets te vragen en dan verstaat ze je antwoord uitstekend.
Ook de warme maaltijd was een beetje teleurstellend. We mochten kiezen uit gevulde kippendij en gestoofd kalkoenlapje. Ik koos de eerste en dat was een stukje niet geheel gare kip, omwikkeld met een lapje spek en gevuld met een kwarteleitje. Alleen het laatste heb ik opgegeten. Toch nog een eitje. Tafelgenoot Bert wou het spek graag hebben. Er was maar één groente: te gare bloemkool zonder saus. Men kookt hier om de meerderheid gelukkig te maken en toen er eerder deze week ook een keer bloemkool was, minder pappig dan vandaag, werd er alom geklaagd dat de groente niet gaar was.
Maar de middag was leuk. Ad en Monique kwamen op bezoek met fruit en lekkernijen. Ben je niet op het feest? vroegen ze. Er was levende muziek met gratis consumptie beneden in de bar. Dat heb ik dus gemist.
Om half zes kwam vriendin Hanneke. Zij had een plastic kruk voor in de badruimte bij zich, die het wassen en tandenpoetsen zal bevorderen, en ook lekkers en bovendien een flesje schoonmaakmiddel en een doekje om mijn rolstoel schoon te maken, die inderdaad nogal vies was. Toen ze toch bezig was met het huishouden, ruimde ze meteen maar even ons kleine aanrechtje op en gooide resoluut de geheel verdroogde mandarijnen weg die er al lagen zo lang als ik hier ben. Helaas bleek achteraf dat die van mijn kamergenote waren, maar die kon het gelukkig niet schelen.
Zondagavond: Eerst het programma over Rusland en daarna de Beagle.
Zo komen wij de dag door. Morgen komt vriendin Gwen. Ik heb veel minder pijn dan eerste en begin te denken dat ik misschien wel gauw naar huis kan. Als ik maar niet zo moe was.
Update
Ik krijg nu veel pijnstillers en dat helpt wel, maar ik word er ook nogal suf en slaperig van, dus het is er nog niet van gekomen weer een berichtje te plaatsen.
Dank aan degenen die op het vorige bericht hebben gereageerd per telefoon of e=mail.
Het is hier best uit te houden, vooral als je de halve dag slaapt. Het is een beetje jammer dat ik mijn kamer moet delen met een niet zeeer toeschietelijke dame die herstellende is van een gebroken arm.
In de eetzaal, waar om twaalf uur ‘s middags de warme maaltijd wordt geserveerd zat ik eerst aan een tafel vol tamelijk narrige zwijgers. Toen ik er voor het eerst in mijn rolstoel naar toe werd gereden zette de duwer me daar neer.
Ik boog een beetje naar voren en zei: Goede middag, ik ben hier nieuw, dus ik zal me maar even voorstellen. Ik heet Erica Visser. Er reageerde niemand, behalve een artistiek uitziend persoon met een pluizig sikje en halflang achterover gekamd haar, die waarderend zei: Nou, dat heb ik hier nog nooit meegemaakt, dat iemand zich voorstelde. Maar hij voegde er niet aan toe hoe hij zelf heet. Men heeft daar blijkbaar vaste plaatsen, maar ik ben er inmiddels toch in geslaagd te verhuizen naar een kleinere tafel, die ik deel met Bob en Antonio, met wie een redelijk opgewekt gesprek te voeren valt.
Later hoop ik meer, nu moe.
De Bogt
De nacht is lang in zorgcentrum de Bogt. Ik ben daar gisteren voor een paar weken opgenomen omdat ik na de gordelroos met alle daarbij horende pijn ook nog eens een slijmbeursontsteking in mijn heup kreeg (pijn pijn pijn) en het thuis in mijn eentje even niet meer redde. En nu kan ik weer niet slapen van de pijn en de nacht lijkt dus erg lang.
Bezoek? Graag, het adres is Polanenstraat 6, eerste etage, kamer 106 en er is de hele dag bezoek. Ik probeer echt om niet te veel te klagen als er iemand langs komt. Morgen meer. Hoop ik.