Het weer

Mooi weer went. Na een week vraag je je niet eens meer af of je een jasje aan moet als je de deur uit gaat. De zon schijnt, dat is nou eenmaal zo.
Toen het gisterochtend dus regende, beschouwde ik dat als een uitzondering. Het werd ook al in de loop van de ochtend droog en toen we daar boven in de bergen gingen lunchen was de enige reden dat we een tafel binnen kozen, dat er buiten een beetje veel wind stond.
Maar nu regent het weer en niet zo´n beetje ook. Dat is een tegenvaller. Ik had nog een bepaalde wandeling willen maken, maar als het plenst lijkt me dat niet zo leuk. Misschien morgen. Ik geef de moed nog niet op.

Gepubliceerd in:  on november 20, 2007 at 12:20 pm Reacties (3)

De klad

Ja, ja, ik weet het de klad zit er weer in. Vrijdag een lange wandeling gemaakt in de vlakte aan de westkant van de bergrug die het eiland van boven tot onder verdeelt. Nou ja, vlak, in Holland vinden we vlak nog wel even iets anders, maar in elk geval was het een zeer gemakkelijk wandeling, eerst omhoog vanaf de bushalte naar de Ermita de la Virgen del Pina en van daaraf als maar naar beneden door de velden en toen door dorpen met lage huizen en veel tuinen. Tenslotte was ik in het plaatsje El Paso, waar ik de bus naar Santa Cruz nog net had kunnen halen als ik niet zo ontzettend nodig had moeten plassen. Dus een uur omgehangen in El Paso, een weinig interessant oord.
Toen ik eindelijk weer hier in S.C was ontbrak de moed mij om nog naar het internetcafé te gaan.
Maar ja, zaterdag en zondag was dat natuurlijk weer gesloten. Ik zit er dus nu pas weer aan het vieze toetsenbord, dat ik wel eens even zou willen schoonmaken.

Weinig inspiratie momenteel, dus alleen nog de mededeling dat we vanmiddag met de familie La Fuente naar een restaurant hoog in de bergen zijn geweest met een fabelachtig uitzicht en gigantische hoeveelheden gegrild vlees. Gelukkig mocht ik een portie delen met Rupert.
Ik reed terug naar de stad met Fred, een oude vriend van Thomas en Rupert die hier vroeger een pizzeria had en nu alleen nog taarten bakt voor een restaurantje bij ons in de straat. Hij doe me erg aan Leo denken, lang, mager en net zo´n soort gezicht.

Gepubliceerd in:  on november 19, 2007 at 6:20 pm Laat een reactie achter

Terug

Woensdag ging de boot terug pas om half zeven uit San Sebastian. Ik wou geen verre busreizen meer maken, om zeker te zijn dat ik op tijd bij de boot kon zijn en ik moest dus de dag doorbrengen in SanS. Ik had mezelf lekker gemaakt met het idee dat ik alle winkels zou gaan bezoeken, maar daar was ik gauw mee klaar. God, wat heb ik in korte tijd veel lelijke dingen gezien.
Ik heb alleen een paar zakjes zaad voor exotische planten gekocht, die het misschien in Nederland wel willen doen in ons opwarmende klimaat.

Ik had nooit ´s nachts op de oceaan gevaren en vond het interessant om te zien dat je zelfs de horizon helemaal niet meer kunt zien. Één groot zwart gat zie je rondom de boot, behalve als er een enkele keer een andere boot in beeld komt.

Ik had van Mona de sleutel van mijn apartement meegekregen, opdat ik dat meteen weer zou kunnen betrekken en was dus blij verrast toen om tien uur Rupert op de kade stond om mij met de auto naar huis te brengen. Wat zijn die mensen toch aardig.

Zowel Mona als Rupert hadden mandarijnen uit eigen tuin voor me in het apartement gelegd. Ik ben weer helemaal thuis.

Gepubliceerd in:  on november 15, 2007 at 5:45 pm Reacties (4)

Vallehermosa

Hermosa is een Spaans woord voor mooi. Ik ben eens met Egbert in Mexico in Vilahermosa geweest en dat vonden we helemaal geen mooie stad. Daar is nu trouwens die vreselijke overstroming aan de gang en het schijnt dat er van de stad niet veel over is. Ik weet niet of er in Nederland veel over geschreven wordt, maar volgens El Pais, die altijd meer aan Midden- en Zuidamerika doet, is het echt een grote ramp.
Nou ja, vandaag was ik dus in Vallehermosa en daar is het prachtig. Niet zozeer het dorp zelf, als wel de omgeving. Ik maakte weer een spectaculaire busreis om er te komen en streek om één uur neer in Café Central, om koffie met amandelkoek te nuttigen. Ik was vastbesloten om niet met de bus van twee uur terug te gaan, maar met de volgende, die dus pas om half vijf gaat.
In het onbetrouwbare Engelse boekje had ik een wandeling uitgekozen. Ik wist wel dat ik in elk geval niet de hele wandeling zou kunnen doen, want die duurde vier uur, maar ik wou een uur op weg gaan en dan gewoon weer teruglopen. Het uitzicht is in de bergen terug altijd heel anders dan heen, dus langs dezelfde weg terug is nooit een punt.
De wandeling bleek te beginnen met een steile trap van ongeveer tweehonderd treden, afgewisseld met steil oplopende stukjes van een paar meter. Ik was halverwege al een beetje moe, maar hield vol want aan het eind van de trap zou een aangenaam breed pad beginnen. Was het maar waar. Het was vrij smal en steil en bestond uit losliggende steentjes, die steeds onder je voeten weg dreigden te glijden. Ik heb het nog even geprobeerd, maar ben weer teruggegaan, omdat ik het gewoon een beetje te gevaarlijk vond voor een eenzame oude dame.
Na drie kwartier zat ik in de schaduw op het stille pleintje voor de kerk en vroeg me af hoe ik de resterende tijd door zou gaan brengen. Zonder in enig boekje te kijken heb ik toen nog een wandelingetje bedacht door alleen de kaart te raadplegen. En dat ging nu eens helemaal goed. Om kwart voor drie ging ik op pad, het steeg en daalde wel een beetje, maar niet echt uitputtend en om even voor vieren was ik heel tevreden weer terug op de Plaza, alwaar ik dus nog tijd had om in café Amaya een halve portie paella te eten voor de bus kwam.
Die halve portie beviel me ook heel goed. In de meeste Spaanse restaurants kan je als onafhankelijk reiziger geen paella krijgen, omdat ze dat alleen voor twee personen wensen klaar te maken. Hier kon je dus zelfs een halve portie krijgen. Voor het eerst sinds ik op dit eiland aankwam zat ik voor een bord eten dat ik helemaal op kon. En echt lekker.

Nog iets dat me onderweg is opgevallen: De bergen zijn meestal heel steil en dus zijn de terrassen waarop de wijn groeit heel smal en ze liggen hoog boven elkaar. Vanuit de bus kan je vaak niet zien hoe ze te voet te bereiken zijn en het lijkt echt gevaarlijk om er op te werken. De weg leidt meestal nogal hoog door de bergen en waar de wijnterrassen onder de weg liggen zie je soms eenvoudige kleine installaties om de oogst op te hijsen naar de weg.

Gepubliceerd in:  on november 13, 2007 at 6:54 pm Laat een reactie achter

Comments, reacties

Anabet laat per SMS weten dat ze niet weet hoe ze een reactie op dit blog moet schrijven. Misschien is ze niet de enige, dus ik leg het maar even uit:

Onder een bericht staat een regel waarin onder andere staat: ´no comments´ of ´1 comment´ of als je een heel populair blog schrijft misschien ´72 comments´ of 888, ik moet er niet aan denken.

Klik één maal op het woordje comment en er gaat een vakje open waarin je je commentaar kwijt kan.

Duidelijk? Toe dan maar. Niet allemaal tegelijk.

Gepubliceerd in:  on november 11, 2007 at 6:00 pm Reactie (1)

Rust

Het is hier aangenaam rustig, maar op zondag daalt een vrijwel verlammende nietsigheid over de stad. Het lijkt alsof zelfs de auto´s langzamer rijden.

Ik was al laat opgestaan en kwam na een langdurig bad pas om elf uur op de plaza aan, waar maar een paar café´s open waren. Koffie, toast met jam, groot glas vruchtensap, El Pais.

Om één uur gaf ik mezelf een figuurlijke schop onder de kont en zei: wandelen.
Er staat nog een wandeling vanuit San Sebastian in het Engelse boekje en die gaat naar een strandje ten westen van de stad. Ik haalde het boekje op, zette mijn malle hoedje op tegen de zon en begaf me op weg. Maar helaas, je moest langs de boulevard lopen tot je bij een wit huis kwam en daar rechtsaf gaan en er was nergens een wit huis te zien. Wel ergens een plek waar misschien ooit een huis gestaan kon hebben, maar daar was geen straat naar rechts.

Terug naar de plaza, nog maar een koffie en de hele middag gelezen tot het tijd was naar het internetcafé te gaan. In tegenstelling tot dat in La Palma, is het internet hier op zondagmiddag wel open, maar ik ben zo te zien de enige klant.

Ik wou vandaag niet met de bus weg, omdat die op zondag helemaal erg zelden rijden, maar morgen neem ik weer een bus de stad uit naar de andere kant van het eiland.

Gepubliceerd in:  on at 5:52 pm Reacties (2)

Agula

Vandaag met de bus naar Agula, want in het Engelse wandelgidsje staat dat dat misschien wel het mooiste dorp van de wereld is. Dit is schromelijk overdreven. Ik zou die mensen wel eens naar Cadaqués willen sturen, of – om maar eens iets heel anders te noemen – naar Marken.

Toch was dit een erg leuke excursie. San Sebastian ligt aan de zuidoost kant van het eiland en dit dorp ligt hoog boven het water veel verder naar het noorden aan de oostkant. Denk niet dat het echt ver is. Het eiland is min of meer rond met een middellijn van 25 km, dus niets is eigenlijk ver.

In het midden liggen vrij hoge bergen en van daaruit lopen in verschillende richtingen diepe barranco´s met bij de zee een nederzetting. Als je min of meer langs de kust rond wilt rijden moet je dus steeds hoge bergkammen tussen de verschillende barranco´s over, hetgeen er toe leidt dat de wegen ontzettend slingeren en dat het uitzicht voordurend adembenemend is.

Agula bereikten we vanuit San Sebastian in ongeveer drie kwartier en het is inderdaad een lieflijk dorp met overwegend witte huizen en smalle keienstraatjes. Ik maakte een rondwandeling, ging naar een café om iets tot me te nemen en een poosje in de krant te lezen en werkte me toen in het zweet door gedeelteljk af te dalen naar het strand, weer terug te klimmen en nog een andere wandeling door de stijgende en dalende straatjes te maken op zoek naar de kerk, die een zeer eenvoudig godshuis bleek te zijn.

Alle dorpen zijn hier een paar keer per dag per bus te bereiken, maar er verloopt veel tijd tussen de verschillende bussen en ik was dus blij toen ik -terug in het café – daar hoorde dat de volgende bus terug over vijf minuten op de halte zou zijn.

Jaap Willem liet me weten dat hij zo genoeg heeft van de media, omdat ze zulk opgefokt nieuws geven. Nou, hier kunnen ze er ook wat van. Angstige Hollandse ouders konden hier gisteren de indruk krijgen dat in Nederland de dijken op doorbreken stonden. Gelukkig hoor ik niet tot het overdreven zorgelijke soort. Bovendien wonen mijn kinderen in het Gooi, afgezien van de duinen het enige stukje Holland dat niet onder de zeespiegel ligt.

Gepubliceerd in:  on november 10, 2007 at 6:27 pm Laat een reactie achter

Gevonden

Gisteren had de Toeristeninformatie me naar een café vol lawaai gestuurd waar in een duistere hoek twee computers stonden. De toetsenborden waren om te beginnen zwart en dus niet te zien in het donker en verder hadden ze een enigszins afwijkende indeling, waardoor ik er voortdurend naast sloeg. Later vond ik een veel beter echt internetcafé, maar toen was het al een beetje te laat. Daar zit ik nu te typen tussen Gomeraanse jongeren die kennelijk van vrolijke pop houden. Ideaal is het niet, maar ik kan tenminste zien wat ik doe.

Het apartement is niet echt gezellig, Spaans gemeubileerd met een enge plafonnière midden in de kamer, maar het is centraal gelegen en niet veel hoger dan zeeniveau. Twee belangrijke verschillen met La Fuente zijn dat er enerzijds voldoende water is om echt een bad te nemen (daar heb ik vanochtend lang in gelegen) en anderzijds alleen Spaanse televisie. In de Fuente vind het het juist zo aardig dat je er via BVN of hoe dat heten mag naar NOVA en Pauw en Witteman kan kijken. Ze doen ook veel Paul de Leeuw, maar dan kan je wegzappen naar BBC World of de een of andere Duitse zender. Hier ga ik s´avonds als ik thuis kom na een late maaltijd, meteen naar bed om te lezen.

Ik heb besloten hier geen keukenspullen in te gaan slaan, dus ik ontbijt nu op een terras op de Plaza de las Americas, waar ze grote glazen vruchtensap serveren. Deze Plaza ligt aan zee, en er achter ligt een nog leukere Plaza de la Constitucion, waar je onder eeuwenoude hoge laurierbomen kan zitten, maar ze zijn toevallig bezig rondom deze plaza de riolering te vervangen, hetgeen het er een stuk minder gezellig maakt. Ook ruikt het een beetje onfris. Dat schilderachtige café onder de bomen heeft hier duidelijk onder te lijden.

Vandaag maar eens naar de Mirador de la Hila aan het eind van mijn straat gelopen, aldaar van het uitzicht over de haven genoten en toen verder omhoog gegaan naar de Parador en daar voorbij naar de vuurtoren op de punt van het eiland. Op de kaart leek het een aardige wandeling maar in de praktijk viel het nogal tegen, want er stonden veel huizen verspreid langs de weg en tussen de huizen was braakland waar steeds ontzettend veel puin en andere rotzooi op lag. Dat nam niet weg dat het uitzicht over zee mooi was. Tenerife is hier dichtbij, maar bevond zich achter de wolken. Ik liep ongeveer een uur, rustte een poosje bij de vuurtoren en las in de Pais die in de kiosk op het plein om half elf te koop is. Terug was het dalen geblazen en dat ging dus veel vlugger.

Voor morgen moet ik maar een leukere wandeling bedenken. Ik denk dat ik eerst maar eens een eind met de bus over het eiland ga rijden en dan een wandeling probeer die wordt aanbevolen in de Engelse wandelgids die ik heb gekocht. Helaas duren de meeste wandelingen minstens een uur of vier en dat is voor mij – stijgend en dalend – misschien een beetje veel.

Gepubliceerd in:  on november 9, 2007 at 6:25 pm Reacties (2)

La Gomera

Vanochtend om half zeven de haven van La Palma uitgevaren, om tien uur in San Sebastian de la Gomera, om elf uur in heel redelijk apartamentito.
Maar als ik hier geen betere computer vind worden het heel korte stukjes.

Gepubliceerd in:  on november 8, 2007 at 5:26 pm Laat een reactie achter

Verdomme

Heb ik net een heel verhaal geschreven over mijn avonturen van algelopen maandag, heeft de computer besloten het allemaal in het niets te laten verdwijnen en mij een blanco vakje voor te schotelen, waarin ik dat niet allemaal nog een keer ga opschrijven.
Ik had het natuurlijk af en toe moeten opslaan, de ervaring leert dat dat nodig is, maar daar dacht ik even niet aan. Eigen schuld enzovoort.

Dus deel ik u verder alleen mee, dat ik morgen voor een week naar La Gomera ga. Ik denk wel dat ze daar tegenwoordig ook een internetcafé hebben, maar helemaal zeker is dat natuurlijk niet. Het is een prachtig, maar enigszins achterlijk eiland.

Dus als hier een week lang geen berichten verschijnen weten jullie wat er aan de hand is. Volgende week woensdag komt ik weer terug in de Fuente.

Gepubliceerd in:  on november 7, 2007 at 11:59 am Laat een reactie achter